De (on)zin van kantoorjargon

Kantoorjargon, ik zal er nooit aan wennen (al is het soms erg handig)

Een nieuwe functie, stage of baan. Of zal ik zeggen: ‘Een opportunity voor een young professional bij een dynamisch bedrijf’? Ik werk lekker als freelancer, en niet zonder reden. Eén van de redenen was dat ik niet kon wennen aan kantoorjargon. De andere reden was dat mijn creatieve taaluitspattingen niet van 9 tot 5 plaatsvinden, maar dat terzijde. Hieronder zal ik een aantal van  favoriete (en tevens tenenkrommende) kantooruitspraken vereeuwigen.


“Dan krijgen we kruisbestuiving”

Definitie kantoorjargon: een of meerdere mensen (of disciplines/afdelingen) die normaal gesproken niet samenwerken, doen dat nu wel. Daardoor wordt er waardevolle kennis en ervaring uitgewisseld. Iets wat anders niet zo snel was gebeurd.

Het betekent dus niet: we hebben nieuwe planten op kantoor en nu laten we 100 bijen los, om de boel eens even lekker te gaan bestuiven.


“Ergens een slinger aan geven”

Definitie kantoorjargon: het betekent zoiets als ‘het balletje moet gaan rollen’. En iemand moet daarvoor zorgen. Het is die laatste sprong naar beneden, als je op het punt staat om te gaan bungeejumpen. Het is die allesbepalende tik tegen het dominosteentje, waardoor alle steentjes vallen. En het is die ene handeling, ‘er de slinger aan geven’, die ‘ergens’ voor actie moet zorgen.

Wat betekent het dus niet: ‘ergens een slinger aan geven’ is dus geen equivalent van ‘het leven is een feestje, maar je moet zelf de slingers ophangen’. Noch is het de bedoeling dat je iemand een lift geeft. En waar ‘ergens’ naar verwijst mag Joost weten.


“Iemand aanhaken”

Definitie kantoorjargon: dit is de meest moderne, up-to-date kantoorjargon uitspraak voor iedereen die versterking nodig heeft. Ze verzinnen de gekste termen om zichzelf wijs te maken dat ze nooit om hulp vragen. En inderdaad, ik had in het begin niet het flauwste vermoeden wat ‘iemand aanhaken’ betekent. Algauw kwam ik erachter dat het een schreeuw om hulp is. Als je iemand ‘aanhaakt’, wordt een tweede persoon betrokken bij het project. In principe een goed idee, gedeelde verantwoordelijkheid.

Wat betekent het dus niet? Ben jij net als ik een beelddenker? Dan krijg jij vast diverse verontrustende visioenen bij de uitspraak ‘iemand aanhaken’. Alsof je jouw collega als een post-it ergens aan vast plakt. Of nog mooier, dat jullie colbertjes aan elkaar vast worden geniet. Genoeg flauwekul. You get the point. 


“Even lekker samen sparren”

Definitie kantoorjargon: wie kent het niet. Samen sparren. Het is een van de meest gebruikte termen ooit, daar ben ik echt van overtuigd. Eigenlijk kan ik hier niet eens grappig over doen. Ik heb al tientallen keren geprobeerd een ander woord voor ‘sparren’ te bedenken. Het lukt me niet. Sparren blijft simpelweg de beste manier om aan te geven dat je met iemand van gedachten wilt wisselen. Elkaar mentaal uit te dagen. Tot nieuwe ideeën te komen. Dus ondanks dat ik dit woord té vaak heb gehoord, gebruik ik het zelf ook weleens.

Wat betekent het dus niet: je gaat niet lijnrecht tegenover elkaar in de ring staan. En dennenbomen hebben er ook niets mee te maken. Vergeef me wederom voor deze flauwe vergelijkingen.


“Ergens een klap op geven”

Definitie kantoorjargon: het moet nu echt gebeuren. De beslissing moet worden gemaakt, de deal moet worden gesloten, de knoop moet worden doorgehakt. Wat je er ook voor definitie aan geeft, wie ergens een figuurlijke klap op geeft, maakt iets definitief. En wat dat ‘iets’ is, dat laten we even in het midden.

Wat betekent het dus niet: dat je de printer een stoot geeft na de zoveelste technische storing. Of dat je jouw collega net iets te enthousiast een schouderklapje (excuus, klopje) geeft.


“Iets aanvliegen”

Definitie kantoorjargon: nee, nee en nog eens nee. Dit wil ik echt nooit meer horen. ‘Iets aanvliegen’ symboliseert je plan van aanpak. Aanpakken is al zo’n simpel woord. Deze kantoorjargon maakt het onnodig complex. “Heb je al enig idee hoe je het gaat aanvliegen, Adam?” of “Ik wil dit zus en zo aan gaan vliegen.”. Mehhh.

Dit betekent het dus niet: dit gaat niet over een verdwaalde vogel die tegen de glazen ruiten van je kantoor aanvliegt. RyanAir, Transavia en Lufthansa hebben er ook niets mee te maken.


“Iets tegen iemand aanhouden”

Definitie kantoorjargon: je hebt een idee, conceptversie of een ander ‘on-af’ iets. Daarvoor kun je wel wat feedback van je collega’s gebruiken. Daarom vraag je of je ‘het even tegen iemand aan mag houden’. Een simpele ‘Wat vind jij ervan?’ volstaat ook, dacht ik zo. Maar dit klinkt wel een stuk gewichtiger. En een hele eer, als iemand binnenkort iets tegen mij aan wil houden.

Dit betekent het dus niet: je brandende sigaret per ongeluk laten rusten op de arm van je collega. Het is ook niet alsof je controleert hoe de kleur van het nieuwe bedrijfsshirt staat.


“Ergens op schieten”

Definitie kantoorjargon: op een informele manier feedback uiten, het liefst met z’n allen tegelijk zonder enige vorm van structuur. Het is immers een concept, dus alle tips zijn welkom. Pas overigens wel op dat je een collega niet non-verbaal raakt.

Dit betekent het dus niet: met het personeelsuitje naar een schietbaan om eens even met z’n allen stoom af te blazen (ideetje?).


“Ik hoor wat je zegt”

Definitie kantoorjargon: je bent eindelijk klaar met je zegje, en het zal je verbazen maar ik ga er (voorlopig) niets mee doen. Kortom: er komt een hele grote ‘maar’ aan.

Dit betekent het dus niet: zo fijn, ik ben eindelijk bij de opticien geweest en wat blijkt? Ik moest een gehoorapparaat hebben! Praat alsjeblieft verder, want ik hoor het eindelijk.


“Iets erin fietsen”

Definitie kantoorjargon: het plan / de offerte / [term naar keuze] is bijna af, maar er ontbreekt nog een onderdeel. Gelukkig is het onderdeel dermate klein dat je het er ‘gemakkelijk in kunt fietsen’. Dus, zonder al teveel moeite kun je zorgen dat het onderdeel nog wordt toegevoegd.

Dit betekent het dus niet: met je gloednieuwe VanMoof fiets tegen een bloempot aanrijden om deze vervolgens per ongeluk de kantine in te fietsen. Die fiets slaat feitelijk nergens op.


Tot slot: het gebruik van Engelse termen

Zelf maak ik me er ook schuldig aan. Zelfs in dit artikel stond her en der een Engelse term, die daar eigenlijk niet thuis hoort. Op kantoor verspreidt het Engels zich als virus. Content marketing, direct mail, files downloaden, risk manager en ga zo maar door. Of, zoals we tijdens de ‘persco’s’ te horen kregen: de roadmap, het dashboard en crowd management. Eigenlijk vind ik Engelse (leen)worden nog het minst erg. Want hoewel het niet Nederlands is, zijn het tenminste wel echte termen met een echte definitie.


Oké, nog eentje dan: wannabe agile

  • Een agile bedrijfscultuur (het is geen sfeer ofzo, het is een manier van samenwerken)
  • Wij werken in sprints (niet alles wat twee weken duurt is automatisch een sprint)
  • Even aan onze scrum master vragen (is het écht geen veredelde projectmanager?)
  • Heerlijk, zo’n flexibele werkplek (maar ik zit toch het liefst bij het raam)
  • Handig hoor, een product backlog (als je het goed gebruikt wel)

Begrijp me niet verkeerd, ik heb niets tegen agile werken of de scrum-methode. Ik merk echter wel dat veel bedrijven te pas en te onpas met de termen strooien, het klinkt immers best aantrekkelijk. Mits je weet wat het inhoudt en het héle bedrijf er op is ingericht.


Disclaimer kantoorjargon definities

Het woord ‘kantoorjargon’ zegt het al, het is jargon. Een soort vaktaal die onderling gesproken wordt. Niet overal zullen dezelfde uitspraken worden gebruikt. Noch zal er altijd dezelfde definitie voor zijn (als er al een officiële betekenis bestaat). Ik heb mijn best gedaan om de uitspraken zo juist mogelijk te definiëren. Is dat volgens jou niet gelukt? Nodig me vooral uit voor een 360°-feedbackgesprek ?.

En… nu je hier toch bent. Heb je behoefte aan een heldere tekst zonder kantoorjargon, marketingtermen en andere ‘holle’ taal? Neem gerust contact met me op, je kunt mij inschakelen als freelance blogger, tekstschrijver en meer.

Menu